Paul van Buitenen, onderzoeker vuurwerkramp publiceert 23 namen falende Officieren van Justitie: OM functioneert als verrot: 13e officier

 

Vuurwerkramp: 23 foute officieren!

1e Officier van Justitie: mr. Herman Stam

Op 10 januari 2020 publiceerde ik over de rol van mr. Herman Stam die de zaaksofficier was van de opsporing en strafvervolging in de Vuurwerkramp. Hij heeft zich daarbij schuldig gemaakt aan talrijke onrechtmatigheden zoals het achterhouden van bewijs, het gebruiken van onrechtmatig verkregen bewijs en machtsmisbruik. Mr. Herman Stam is nu senior rechter bij de rechtbank Almelo.

2e Officier van Justitie: mr. Henk van der Meijden

Mr. Henk van der Meijden was als officier van justitie van het landelijk parket de verantwoordelijk officier voor het rijksrechercheonderzoek dat in 2004 werd uitgevoerd n.a.v. een zeer kritisch rapport over de strafvervolging in de Vuurwerkramp, uitgebracht door Bureau Interne Zaken van een andere politieregio (Gelderland-Midden). Gelet op de talrijke tekortkomingen en fouten van dit rijksrechercherapport, heeft mr. van der Meijden wel het een en ander uit te leggen over zijn rol in dit geheel. Voor verdere details over de betekenis van deze gedragingen van OvJ Van der Meijden voor het vuurwerkramp-onderzoek zie het eerder op 18 januari 2020 gepubliceerde artikel over de rijksrecherche.

3e (Hoofd)officier van Justitie: mr. Fred Westerbeke

Hoofdofficier van justitie mr. Fred Westerbeke heeft er aan meegewerkt dat de belangrijke laatste fase van de nagekomen feitenonderzoeken 2010 – 2012 is verricht door eerder betrokken rechercheurs van de rijksrecherche. Deze konden daardoor hun eerdere (foutieve) onderzoeksgedragingen uit 2004 controleren, waarbij zij uiteraard op dezelfde uitkomst uit kwamen. Deze keuze van onderzoekers is een ernstige beoordelingsfout met grote gevolgen.

Fred Westerbeke was tussen 2014 en 2019 als hoofdofficier van justitie bij het landelijk parket verantwoordelijk voor de opsporing en vervolging van de schuldigen bij de MH17 vliegramp. Vanaf april 2020 wordt Westerbeke de nieuwe politiechef van Rotterdam. Voor verdere details over de betekenis van deze gedraging van OvJ Westerbeke voor het vuurwerkramp-onderzoek zie het eerder op 18 januari 2020 gepubliceerde artikel over de rijksrecherche.

4e (Wnd. Hoofd)officier van Justitie mr. Marthyne Kunst

Huidig waarnemend hoofdofficier van justitie mr. Marthyne Kunst heeft in 2001/2003 als persofficier het vervolgingsbeleid van het OM verdedigd in de Vuurwerkramp. Het is dus ongepast dat de door ons gedane aangifte tegen het optreden van het OM nu uitgerekend door mevrouw Kunst wordt ontvangen van de aangewezen officier en door haar wordt doorgeleid naar het college van procureurs-generaal. Op mijn verzoek om een afschrift van haar brief aan het college krijg ik vooralsnog geen antwoord. Dus ik kan niet beoordelen wat er werkelijk aan de hand is met onze aangifte, die reeds op 28 oktober is gedaan en waarop nog geen enkele beoordeling heeft plaatsgevonden. Zie voor verdere details de publicatie van 17 januari jl. over het traineren van de behandeling van de aangifte en de mogelijke belangenverstrengeling.

Betreffende de behandeling van de strafaangifte tegen de overheid inzake de Vuurwerkramp, gedaan op 28 oktober 2019, is het vermoeden gerezen dat het OM er alles aan doet om een goede behandeling van deze aangifte onmogelijk te maken. Er is bevestigd dat niet de politie, maar het OM had bepaald dat de aangifte als ‘overige horizontale fraude’ moest worden weggeschreven, terwijl de aangifte in principe handelt over verticale strafbare feiten, omdat de overheid daarbij betrokken is als dader en niet personen of bedrijven. Zie voor verdere details de publicatie van 4 februari jl. over ‘Kwader trouw bij het OM’

5e (Hoofd)officier van Justitie mr. Wilbert Tomesen

Als hoofdofficier van justitie van de arrondissementen Zwolle en Almelo speelde mr. Tomesen in 2011 een belangrijke rol bij het terug in de doofpot duwen van het onderzoek naar zowel de toedracht als de onrechtmatigheden bij de Vuurwerkramp. De beslissingen van Tomesen hadden ernstige consequenties voor alle betrokkenen en onterecht veroordeelden. Het is zeer wrang te moeten constateren dat uitgerekend deze man op dit moment voorzitter is van het Huis voor Klokkenluiders. In de functie als voorzitter van het Huis voor Klokkenluiders richt hij nu wéér ongelofelijke schade aan bij melders van misstanden en in de Nederlandse maatschappij. Voor verdere details zie het op 29 januari gepubliceerde artikel over mr. Wilbert Tomesen.

6e: Procureur-generaal mr. Joan de Wijkerslooth

Jonkheer Joan de Wijkerslooth de Weerdesteyn was voorzitter van het college van procureurs-generaal van 1999 tot 2005. Gedurende die periode vond de Vuurwerkramp plaats en liepen de onderzoeken van het OM in eerste aanleg en bij het hoger beroep, was er een intern tuchtonderzoek door de politie naar het Tolteam en vond het nadere onderzoek plaats door de rijksrecherche (2004). Tenslotte zijn ook beide Tolteam klokkenluiders ontslagen bij de politie Twente. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de voorzitters van het college van Pg’s.

7e: Procureur-generaal mr. Harm Brouwer

Mr. Harm Brouwer was voorzitter college Pg’s ten tijde van het door de Tweede Kamer aan mr. A. Herstel opgedragen onderzoek over de misleidende berichtgeving van minister Donner aan de Tweede Kamer. Mr. Herstel kreeg deze misleiding niet boven water, hij bevestigde dat de Kamer voldoende was geïnformeerd. Als collegevoorzitter was mr. Brouwer nauw betrokken bij de informatievoorziening aan de Kamer over de Vuurwerkramp, zeker daar waar het resultaten van de rijksrecherche aangaat.

De heer Brouwer was nog steeds voorzitter college Pg’s tijdens de eerste twee nagekomen feitenonderzoeken naar de Vuurwerkramp: Esaltato (2010) en VerEsal (2011). Deze feitenonderzoeken zijn onregelmatig verlopen. Het college Pg’s heeft een grote rol gespeeld in de formulering van de onderzoeksopdrachten. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de voorzitters van het college van Pg’s.

8e: Procureur-generaal mr. Herman Bolhaar

Mr. Herman Bolhaar geeft bij brief d.d. 24 november 2011, gericht aan de Hoofdofficier van Justitie te Rotterdam mr. Fred K.G. Westerbeke, opdracht tot het rijksrechercheonderzoek Daslook, met daarin het verzoek om dezelfde mensen als in 2004 op het onderzoek te zetten, waardoor het een zelfonderzoek werd. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de voorzitters van het college van Pg’s.

9e: Procureur-generaal Gerrit van der Burg

Mr. Gerrit van der Burg heeft tot op heden alle schriftelijke benaderingspogingen van ondergetekende laten afwimpelen. De inhoud van de correspondentie gericht aan de heer Van der Burg op 12 juli 2017, op 3 december 2018 en op 7 februari 2019 was echter van dien aard dat de heer Van der Burg onmiddellijk actie had moeten ondernemen om de ernst van het door ondergetekende gesignaleerde probleem te verifiëren.

Volgens eigen zeggen heeft een senior jurist van het parket-generaal maandenlang mijn reviewrapport minutieus bestudeerd. De antwoordbrief van het college van Pg’s van juni 2019 ging echter niet in op de inhoud van het rapport, maar deed alleen aan beeldvorming en het terugverwijzen naar eerder gelopen onderzoeken en gerechtelijke procedures. Voor een uitvoeriger behandeling van de antwoordbrief van het college van Pg’s, zie het op 8 juni 2019 verschenen artikel over het huidige college Pg’s.

Naar aanleiding van deze incompetente reactie van het college van Pg’s heb ik een klacht ingediend tegen het college Pg’s bij de Minister van Justitie. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de achtereenvolgende voorzitters van het college van Pg’s.

10e: Advocaat-generaal mr. A.C.M. (Albert) Welschen

Advocaat-generaal Albert Welschen bij het gerechtshof Arnhem probeert met zijn team op verzoek van korpschef politie Twente Piet Deelman de interne klokkenluidersmelding van de beide Tolteam rechercheurs Paalman en De Roy van Zuydewijn te weerleggen. Hij probeert hiermee te voorkomen dat beide rechercheurs door het hof serieus genomen zouden worden en mogelijk als getuige toegelaten zouden worden. Deze ‘weerlegging’ door de advocaat-generaal faalt jammerlijk. Toch zal later de rijksrecherche een jaar later van deze ‘weerlegging’ gebruik maken, als uitgangspunt voor hun rapportage dat er geen sprake is geweest van onregelmatigheden. Voor verdere details zie de publicatie van artikel 15. Op 9 november 2018 was de publicatie nog anoniem, maar inmiddels op 15 plaatsen voorzien van de naam van mr. Albert Welschen.

11e Officier van justitie: mr. Patricia van der Valk

Deze officier van justitie speelt een merkwaardige rol in het dossier. Zij legt op 10 oktober 2000 een opmerkelijke verklaring af bij de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp onder voorzitter Marten Oosting. Daarin verklaart zij dat zij direct na de ramp op de fiets door Enschede reed om de sfeer op te snuiven. Zij verklaart na haar fietstochtje al tot de conclusie te zijn gekomen dat het om brandstichting moet gaan. Tegelijkertijd wijzen alle statistieken én de dan bekende aanwijzingen een andere richting uit, namelijk een bedrijfsongeval.

Hoe komt deze mevrouw aan dergelijke helderziendheid? Daarvoor moeten we kijken naar de poging die het OM en een rechter enkele dagen ervoor, op 5 en 6 oktober 2000 hebben ondernomen om een kandidaat brandstichter het dossier binnen te loodsen. Daarbij was deze mevrouw ook betrokken. En dus blijkt haar inzicht ineens minder helderziend dan we dachten, maar onbewust gebaseerd op acties van het OM, die dan nog geen resultaat af konden werpen, want het Tolteam gaat alleen in op aannemelijke tips. Dat werd in de weken erna gefikst en André de Vries kwam alsnog in beeld.

12e Officier van Justitie: mr. Cassandra Westerling-Diderich

Deze officier van justitie kreeg begin 2012 opdracht voor de uitvoering van het Daslook onderzoek door rijksrecherche. Tolteam klokkenluider en ex-rechercheur Paalman was niet gerust op de volledigheid van de onderzoeksopdracht en trachtte meerdere malen mevrouw Westerling en leden van haar team te speken. OM perswoordvoerster Kirsten Smit zei Paalman dat officier Westerling de heer Paalman niet wenste te spreken. Zij moest als officier objectief blijven en zich aan de onderzoeksopdracht van het College Pg’s houden. Ditzelfde gold voor een cruciale getuige betreffende een bewijsstuk waar mee was gerommeld. Daslook hoorde alleen getuigen die conform de eerdere officiële onderzoeksuitkomsten verklaarden.

De uitkomst van het Daslook onderzoek was stuitend. Reeds eerder beantwoorde onderzoeksvragen werden door reeds eerder betrokken onderzoekers, na een jaar durend gefingeerd onderzoek, nogmaals op eendere wijze beantwoord. Zie voor meer details hier.

13e (Hoofd)officier van justitie: mr. Roelof-Jan Manschot

Deze hoofdofficier van justitie zat vanaf dag-1, aan tafel met burgemeester Mans en de politieleiding. Hij was de chef van zaaksofficier Herman Stam en hij gaf ook de afsluitende persconferentie van 19 april 2001, waarop het Openbaar Ministerie haar keuzes bekend maakte in de opties van strafvervolging na de Vuurwerkramp. Het Almelose OM schijnt de gemeente wél te willen hebben vervolgen, maar het College van Pg’s besliste anders en gaf reeds in januari 2001 aan dat de overheid niet vervolgd zou worden. Ook HOvJ Manschot hield zijn rug niet recht en maakte dat in april pas bekend. Eerst moest de strafvervolging van een gewenste brandstichter en het vuurwerkbedrijf in de steigers staan voordat het OM de buitenvervolgingstelling van de overheid bekend maakte. Verdachten die vervolgd hadden moeten worden [1], werden niet vervolgd. Het Pikmeerarrest was een onterecht erbij gehaalde schaamlap voor de overheid. Onschuldigen werden daarentegen wél vervolgd.

Op die persconferentie werd naast de buitenvervolgingstelling van de gemeente ook bekend gemaakt dat de tenlastelegging van het Openbaar Ministerie tegen vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks werd verzwaard van milieuovertredingen naar ‘Dood-door-schuld’ wegens ‘Te-veel-en-te-zwaar’ vuurwerk. Zonder bijkomend bewijs. Daarbij gebruikte Manschot de beeldspraak dat een over de schutting geworpen lucifer niet zo’n ramp tot gevolg mag kunnen hebben. Manschot deed deze bekendmaking terwijl hij wist dat het Tolteam tot dan toe nog strafrechtelijk onderzoek deed naar door de gemeentelijke overheid gepleegde strafbare feiten, waarbij eerder die maand nog gemeenteambtenaren waren verhoord als ‘verdachte’ en waarbij voor de gemeente belastend materiaal ter tafel was gekomen. Het OM poetste dit weg, in opdracht van het College PG’s, ondanks de ontkenning van die PG’s.

14e (Hoofd)officier van Justitie: mr. B.W.M. (Ben) Hendriks

Deze hoofdofficier kreeg op 5 september 2007 per brief de vraag voorgelegd waar de in het strafdossier onvindbare Weges verklaringen waren gebleven, die zijn afgelegd door negen brandweerlieden op de vroege ochtend na de ramp. Deze verklaringen, opgetekend t.b.v. het terugvinden van de stoffelijke overschotten van twee vermiste brandweerlieden, konden tevens belangrijke informatie bevatten over de handelingen tijdens de ramp. Behoudens een ontvangstbevestiging is hierop geen enkel antwoord gekomen van Hendriks noch van een andere OM vertegenwoordiger.

Hoofdofficier Ben Hendriks is in 2010 zowel benoemd als vicepresident van de rechtbank Almelo als plaatsvervangend raadsheer bij het gerechtshof te Arnhem.

15e (Hoofd)officier van Justitie: mr. Bob Steensma

Deze hoofdofficier van justitie presenteerde op 6 december 2012 de uitkomsten van het Daslook onderzoek. Achteraf blijkt dit een gefingeerd onderzoek te zijn geweest, uitgevoerd door eerder betrokken onderzoekers die hun eigen handelingen moesten verifiëren. Dit op verzoek van het College van Pg’s. Steensma is daarmee medeverantwoordelijk voor de strafbare feiten die zijn begaan in het kader van dat onderzoek.

17e Officier van Justitie: mr. J.R. (Johan) Klunder

Op 30 november 2010 heeft ex-Fireworks directeur Bakker aangifte gedaan tegen officier Herman Stam en drie leidinggevenden van het Tolteam. Dit wegens het door hen plegen van strafbare feiten tijdens de strafrechtelijke opsporing bij de Vuurwerkramp. Ex-Tolteam rechercheur Paalman heeft op 27 april 2011 hetzelfde gedaan tegen een leidinggevende en een lid van het Tolteam en tegen officier Herman Stam. Op 6 april 2012 vindt een bijeenkomst plaats onder leiding van officier van justitie Klunder. De officier maakt daarin bekend dat hij voornemens is de beide aangiftes te seponeren. Op 26 april bevestigt officier Klunder dit schriftelijk aan zowel Bakker als Paalman. In die afwijzing van de aangifte verwijst Klunder naar het rijksrechercherapport uit 2004, waaruit volgens hem blijkt dat er geen onrechtmatigheden hebben plaatsgevonden. Dus hebben volgens hem zowel het Tolteam als de zaaksofficier Stam zich keurig aan de regels gehouden.

Naar nu echter uit de review blijkt is de afwijzing van de aangiftes van Bakker en Paalman op onterechte gronden gebeurd, alleen al vanwege de onbetrouwbaarheid van het rijksrechercherapport. Dit maakt de afwijzing door officier Klunder laakbaar.

18e (Hoofd)officier van Justitie: mr. Hessel Schuth

Deze waarnemend hoofdofficier van justitie ontving op 30 november 2010 ex-Fireworks directeur Bakker, ex-Tolteam rechercheur Paalman en een zestal andere personen bij gelegenheid van het doen van aangifte van strafbare feiten die volgens aangevers zijn gepleegd door officier van justitie mr. Herman Stam en door drie leidinggevenden van het Tolteam. Het lange gesprek maakte diepe indruk op Schuth. Er werd indringend gepraat over de aanwijzingen die geleid hadden tot de strafaangifte tegen een lid van het OM en leden van het Tolteam. Schuth hield toen de boot af, zei dat hij slechts korte tijd waarnam als hoofdofficier en er verder niets mee te maken wilde hebben. Schuth stond er bovendien op aan Bakker en Paalman mee te delen dat het gesprek nooit had plaatsgevonden en dat er nooit aan gerefereerd kon worden. Overigens is een opname van het gesprek gemaakt.

19e: Officier van Justitie: mr. ing. A.L.A.H. (Arie) de Muij

Deze ervaren milieuofficier van justitie van het OM Zwolle/Almelo werd op verzoek van procureur-generaal Steenhuis toegevoegd aan het Vuurwerkramp onderzoek. De Muij deed daarom samen met (de boven onder punt 1.) genoemde onervaren collega mr. Herman Stam de strafvervolging van de Vuurwerkramp. Arie de Muij was verantwoordelijk voor de vuurwerk- en milieutechnische aspecten van het dossier. Hij startte vanuit de overtuiging dat een dergelijke ramp nooit kon gebeuren zonder overtreding van de vergunningvoorschriften.

Later (april 2004) gaf De Muij in een interview toe dat er wel degelijk gronden waren voor vervolging van de gemeente Enschede in deze zaak. Het OM Almelo had echter de opdracht gekregen van het college van Pg’s om de overheid (gemeente en rijk) buiten strafvervolging te houden.

De Muij was als officier verantwoordelijk voor de technische rapportages, zoals TNO, NFI en de reconstructie van de voorraad vuurwerk. Deze rapportages blijken ernstige fouten te bevatten, gericht op een zo zwaar mogelijke strafrechtelijke veroordeling van het vuurwerkbedrijf. De Muij heeft tevens zijn, toen zieke, collega Stam vervangen tijdens een belangrijke fase van het parallelle onderzoek tegen de gewenste verdachte van brandstichting, André de Vries. De Muij is na zijn diensten bij het vuurwerkrampdossier benoemd tot advocaat-generaal in het Caraïbisch gebied.

20e: Parketsecretaris mr. Wim Wijga

Het Openbaar Ministerie was tijdens het eerste jaar na de ramp met twee (bovengenoemde) officieren van justitie: Herman Stam en Arie de Muij, en daarnaast een parketsecretaris: mr. Wim Wijga, dagelijks aanwezig op de afdeling en bij de leiding van het Tolteam. Zij waren de dagelijkse aansturing en aanspreekpunt voor het Tolteam van de politie Twente. Het OM is dus niet alleen formeel in naam, maar óók praktisch in de uitvoering, verantwoordelijk en aanspreekbaar als leider en controleur van het strafrechtelijk onderzoek. Dus ook voor alle misdragingen en omissies van dit strafrechtelijk onderzoek.

Wim Wijga was hierbij het OM-informatieknooppunt. Zo vatte hij alle tips uit het Tolteam journaal samen en volgde hij voor het OM dagelijks alle onderzoekstrajecten (deelprojecten) van het Tolteam én de ontwikkelingen bij de commissie Oosting. Tijdens zijn verhoor door de rijksrecherche omschreef Wijga zijn functie als ‘voelspriet’ van het OM en ‘filter tussen de politie en het OM’. Op 30 januari 2001 schrijft Wijga aan Stam dat er nauwelijks bewijzen overblijven om de net opgepakte De Vries voor te kunnen geleiden aan de rechter-commissaris.

21e Officier van Justitie: Peter van Kesteren

Na de Vuurwerkramp werd de Almelose persofficier van justitie mr. Peter van Kesteren hét gezicht van het Openbaar Ministerie. Hij bleef op die positie t/m 31 oktober 2001. Hij heeft de keuzes van het OM altijd ruimhartig verdedigd en uitgedragen. Zo maakte hij de arrestatie van André de Vries een aantal dagen na de arrestatie bekend. Op dat moment waren er al problemen gerezen met de voorgeleiding van De Vries wegens gebrek aan bewijs, maar persofficier van justitie P. van Kesteren verkondigt dat het OM meer dan een redelijk vermoeden van schuld heeft en is er sprake van een ernstige verdenking. Gelet op de verkeerde keuzes van het OM tijdens de opsporing strafvervolging bij de Vuurwerkramp is Van Kesteren medeplichtig aan de fouten van het OM.

22e Officier van Justitie: mr. G. Dam

Van deze meneer Dam is een zeldzaam onbeschofte brief van het OM aan een tipgever bekend. Deze tipgever had even voordien gedocumenteerd melding gemaakt van aanwijzingen betreffende een mogelijke oorzaak van de ramp. Gelet op de hoeveelheid verifieerbare details binnen de tip, zeker het natrekken waard, maar deze officier schuift het niet alleen terzijde als bij voorbaat niet verder na te trekken, maar doet dit ook zonder motivatie of uitleg. Ik (PvB) heb deze tipgever gesproken en het betreft een goed bij zijn verstand zijnd persoon die een zinnige tip geeft.

23e (Wnd.) hoofd)officier van justitie: mr. Mathieu Verhoeven

Deze hoofdofficier was gedurende de eerste jaren van de strafvervolging de baas van de officieren A. De Muij (nr.19 bovengenoemd) en H. Stam (nr.1 bovengenoemd) te Almelo. Hij was samen met officier Herman Stam namens het OM aanwezig bij een vergadering die was bijeengeroepen door korpschef Piet Deelman met de Tolteamleiding en de beide interne melders van misstanden. Dit naar aanleiding van het zogeheten mei-memo 2002. Hierin informeerden beide Tolteam melders Paalman en de Roy van Zuydewijn hun korpschef over de door hen waargenomen misstanden binnen de strafrechtelijke opsporing van André de Vries. De bijeenkomst vond plaats op 18 juni 2002 van 15u tot 17u. Officier Herman Stam verklaarde beide melders niet goed bij hun hoofd en de Tolteamleiding was razend, maar hoofdofficier Verhoeven schudde beide Tolteam melders na afloop de hand en zei dat hij geloofde dat zij oprecht melding hadden gedaan. Tegelijk sprak hij wél de hoop uit dat het mei-memo nooit naar buiten zou komen. Paalman en de Roy van Zuydewijn hielden zich toen gedeisd, in de vaste overtuiging dat André de Vries zou worden vrij gesproken omdat zowel Verhoeven als Deelman gezegd hadden dat hun klachten serieus onderzocht zouden worden. Tot hun stomme verbazing kreeg De Vries echter vijftien jaar cel. Er was niets met hun melding gedaan. Het gewekte vertrouwen was misplaatst.

Conclusie

Met het een aantal van drieëntwintig foute officieren, hoofdofficieren, advocaten-generaal, procureurs-generaal en parketsecretaris van justitie in één strafzaak (de Vuurwerkramp) is de Nederlandse rechtsstaat een ondermijnde rechtsstaat.

Het Openbaar Ministerie rot. Het woord ‘waarheidsvinding’ komt 141 maal voor en het woord ‘rechtvaardig’ zelfs 328 maal op de OM-website. Dit is misleiding van de mensen die vertrouwen op die rechtsstaat.

Voetnoten

[1] Naast de rijksoverheid en de gemeentelijke overheid had ook strafrechtelijke opsporing gepleegd moeten worden naar een aantal werknemers van S.E. Fireworks (bedrijfsongeval) en vooral naar de oud-eigenaar van S.E. Fireworks: Harm S. Over het motief voor opdracht geven tot brandstichting bij S.E. Fireworks door Harm S. volgt binnenkort een zeer uitvoerig artikel met veel bewijsmateriaal. Na die publicatie zal zijn naam voluit geschreven worden.

———-

Foto afkomstig van website OM. Citaat uit rapport Fokkema over OM. Bewerking Paul van Buitenen
Foto afkomstig van website OM. Citaat uit rapport Fokkema over OM. Bewerking Paul van Buitenen

01. Officier van Justitie mr. Herman Stam

Op 10 januari 2020 publiceerde ik over de rol van mr. Herman Stam die de zaaksofficier was van de opsporing en strafvervolging in de Vuurwerkramp. Hij heeft zich daarbij schuldig gemaakt aan talrijke onrechtmatigheden zoals het achterhouden van bewijs, het gebruiken van onrechtmatig verkregen bewijs en machtsmisbruik. Mr. Herman Stam is nu senior rechter bij de rechtbank Almelo.

02. Officier van Justitie mr. Henk van der Meijden

Mr. Henk van der Meijden was als officier van justitie van het landelijk parket de verantwoordelijk officier voor het rijksrechercheonderzoek dat in 2004 werd uitgevoerd n.a.v. een zeer kritisch rapport over de strafvervolging in de Vuurwerkramp, uitgebracht door Bureau Interne Zaken van een andere politieregio (Gelderland-Midden). Gelet op de talrijke tekortkomingen en fouten van dit rijksrechercherapport, heeft mr. van der Meijden wel het een en ander uit te leggen over zijn rol in dit geheel.

Voor verdere details over de betekenis van deze gedragingen van OvJ Van der Meijden voor het vuurwerkramp-onderzoek zie het eerder op 18 januari 2020 gepubliceerde artikel over de rijksrecherche.

03. Hoofdofficier van Justitie mr. Fred Westerbeke

Hoofdofficier van justitie mr. Fred Westerbeke heeft er aan meegewerkt dat de belangrijke laatste fase van de nagekomen feitenonderzoeken 2010 – 2012 is verricht door eerder betrokken rechercheurs van de rijksrecherche. Deze konden daardoor hun eerdere (foutieve) onderzoeksgedragingen uit 2004 controleren, waarbij zij uiteraard op dezelfde uitkomst uit kwamen. Deze keuze van onderzoekers is een ernstige beoordelingsfout met grote gevolgen.

Fred Westerbeke was tussen 2014 en 2019 als hoofdofficier van justitie bij het landelijk parket verantwoordelijk voor de opsporing en vervolging van de schuldigen bij de MH17 vliegramp. Vanaf april 2020 wordt Westerbeke de nieuwe politiechef van Rotterdam.

Voor verdere details over de betekenis van deze gedraging van OvJ Westerbeke voor het vuurwerkramp-onderzoek zie het eerder op 18 januari 2020 gepubliceerde artikel over de rijksrecherche.

04. Wnd. Hoofdofficier van Justitie mr. Marthyne Kunst

Huidig waarnemend hoofdofficier van justitie mr. Marthyne Kunst heeft in 2001/2003 als persofficier het vervolgingsbeleid van het OM verdedigd in de Vuurwerkramp. Het is dus ongepast dat de door ons gedane aangifte tegen het optreden van het OM nu uitgerekend door mevrouw Kunst wordt ontvangen van de aangewezen officier en door haar wordt doorgeleid naar het college van procureurs-generaal. Op mijn verzoek om een afschrift van haar brief aan het college krijg ik vooralsnog geen antwoord. Dus ik kan niet beoordelen wat er werkelijk aan de hand is met onze aangifte, die reeds op 28 oktober is gedaan en waarop nog geen enkele beoordeling heeft plaatsgevonden.

Zie voor verdere details de publicatie van 17 januari jl. 2020 over het traineren van de behandeling van de aangifte en de mogelijke belangenverstrengeling.

Betreffende de behandeling van de strafaangifte tegen de overheid inzake de Vuurwerkramp, gedaan op 28 oktober 2019, is het vermoeden gerezen dat het OM er alles aan doet om een goede behandeling van deze aangifte onmogelijk te maken. Er is bevestigd dat niet de politie, maar het OM had bepaald dat de aangifte als ‘overige horizontale fraude’ moest worden weggeschreven, terwijl de aangifte in principe handelt over verticale strafbare feiten, omdat de overheid daarbij betrokken is als dader en niet personen of bedrijven.

Zie voor verdere details de publicatie van 4 februari jl. over ‘Kwader trouw bij het OM’

05. Hoofdofficier van Justitie mr. Wilbert Tomesen

Als hoofdofficier van justitie van de arrondissementen Zwolle en Almelo speelde mr. Tomesen in 2011 een belangrijke rol bij het terug in de doofpot duwen van het onderzoek naar zowel de toedracht als de onrechtmatigheden bij de Vuurwerkramp. De beslissingen van Tomesen hadden ernstige consequenties voor alle betrokkenen en onterecht veroordeelden. Het is zeer wrang te moeten constateren dat uitgerekend deze man op dit moment voorzitter is van het Huis voor Klokkenluiders. In de functie als voorzitter van het Huis voor Klokkenluiders richt hij nu wéér ongelofelijke schade aan bij melders van misstanden en in de Nederlandse maatschappij.

Voor verdere details zie het op 29 januari gepubliceerde artikel over mr. Wilbert Tomesen.

06. Procureur-generaal mr. Joan de Wijkerslooth

Jonkheer Joan de Wijkerslooth de Weerdesteyn was voorzitter van het college van procureurs-generaal van 1999 tot 2005. Gedurende die periode vond de Vuurwerkramp plaats en liepen de onderzoeken van het OM in eerste aanleg en bij het hoger beroep, was er een intern tuchtonderzoek door de politie naar het Tolteam en vond het nadere onderzoek plaats door de rijksrecherche (2004). Tenslotte zijn ook beide Tolteam klokkenluiders ontslagen bij de politie Twente. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de voorzitters van het college van Pg’s.

07. Procureur-generaal mr. Harm Brouwer

Mr. Harm Brouwer was voorzitter college Pg’s ten tijde van het door de Tweede Kamer aan mr. A. Herstel opgedragen onderzoek over de misleidende berichtgeving van minister Donner aan de Tweede Kamer. Mr. Herstel kreeg deze misleiding niet boven water, hij bevestigde dat de Kamer voldoende was geïnformeerd. Als collegevoorzitter was mr. Brouwer nauw betrokken bij de informatievoorziening aan de Kamer over de Vuurwerkramp, zeker daar waar het resultaten van de rijksrecherche aangaat.

De heer Brouwer was nog steeds voorzitter college Pg’s tijdens de eerste twee nagekomen feitenonderzoeken naar de Vuurwerkramp: Esaltato (2010) en VerEsal (2011). Deze feitenonderzoeken zijn onregelmatig verlopen. Het college Pg’s heeft een grote rol gespeeld in de formulering van de onderzoeksopdrachten. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de voorzitters van het college van Pg’s.

08. Procureur-generaal mr. Herman Bolhaar

Mr. Herman Bolhaar geeft bij brief d.d. 24 november 2011, gericht aan de Hoofdofficier van Justitie te Rotterdam mr. Fred K.G. Westerbeke, opdracht tot het rijksrechercheonderzoek Daslook, met daarin het verzoek om dezelfde mensen als in 2004 op het onderzoek te zetten, waardoor het een zelfonderzoek werd. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de voorzitters van het college van Pg’s.

09. Procureur-generaal Gerrit van der Burg

Mr. Gerrit van der Burg heeft tot op heden alle schriftelijke benaderingspogingen van ondergetekende laten afwimpelen. De inhoud van de correspondentie gericht aan de heer Van der Burg op 12 juli 2017, op 3 december 2018 en op 7 februari 2019 was echter van dien aard dat de heer Van der Burg onmiddellijk actie had moeten ondernemen om de ernst van het door ondergetekende gesignaleerde probleem te verifiëren.

Volgens eigen zeggen heeft een senior jurist van het parket-generaal maandenlang mijn reviewrapport minutieus bestudeerd. De antwoordbrief van het college van Pg’s van juni 2019 ging echter niet in op de inhoud van het rapport, maar deed alleen aan beeldvorming en het terugverwijzen naar eerder gelopen onderzoeken en gerechtelijke procedures. Voor een uitvoeriger behandeling van de antwoordbrief van het college van Pg’s, zie het op 8 juni 2019 verschenen artikel over het huidige college Pg’s.

Naar aanleiding van deze incompetente reactie van het college van Pg’s heb ik een klacht ingediend tegen het college Pg’s bij de Minister van Justitie. Op 16 november 2019 publiceerde ik reeds een artikel over de rol van de achtereenvolgende voorzitters van het college van Pg’s.

10. Advocaat-generaal mr. A.C.M. (Albert) Welschen

Advocaat-generaal Albert Welschen bij het gerechtshof Arnhem probeert met zijn team op verzoek van korpschef politie Twente Piet Deelman de interne klokkenluidersmelding van de beide Tolteam rechercheurs Paalman en De Roy van Zuydewijn te weerleggen. Hij probeert hiermee te voorkomen dat beide rechercheurs door het hof serieus genomen zouden worden en mogelijk als getuige toegelaten zouden worden. Deze ‘weerlegging’ door de advocaat-generaal faalt jammerlijk. Toch zal later de rijksrecherche een jaar later van deze ‘weerlegging’ gebruik maken, als uitgangspunt voor hun rapportage dat er geen sprake is geweest van onregelmatigheden.

Voor verdere details zie de publicatie van artikel 15. Op 9 november 2018 was de publicatie nog anoniem, maar inmiddels op 15 plaatsen voorzien van de naam van mr. Albert Welschen.

De komende dagen worden nog tien officieren van justitie toegevoegd aan deze lijst van bij onregelmatigheden betrokken officieren. Met het totaal van twintig foute officieren van justitie in één strafzaak mag men oprecht spreken van een Openbaar Ministerie dat functioneert alsof het totaal verrot is.

11. Officier van justitie mr. Patricia van der Valk

Publicatie 8 februari 2020 om 12u06. Deze mevrouw speelt een merkwaardige rol in het dossier. Zij legt op 10 oktober 2000 een opmerkelijke verklaring af bij de Commissie Onderzoek Vuurwerkramp onder voorzitter Marten Oosting. Daarin verklaart zij dat zij direct na de ramp op de fiets door Enschede reed om de sfeer op te snuiven. Zij verklaart na haar fietstochtje al tot de conclusie te zijn gekomen dat het om brandstichting moet gaan. Tegelijkertijd wijzen alle statistieken én de dan bekende aanwijzingen een andere richting uit, namelijk een bedrijfsongeval.

Hoe komt deze mevrouw aan dergelijke helderziendheid? Daarvoor moeten we kijken naar de poging die het OM en een rechter enkele dagen ervoor, op 5 en 6 oktober 2000 hebben ondernomen om een kandidaat brandstichter het dossier binnen te loodsen. Daarbij was deze mevrouw ook betrokken. En dus blijkt haar inzicht ineens minder helderziend dan we dachten, maar onbewust gebaseerd op acties van het OM, die dan nog geen resultaat af konden werpen, want het Tolteam gaat alleen in op aannemelijke tips. Dat werd in de weken erna gefikst en André de Vries kwam alsnog in beeld.

12. Officier van Justitie mr. Cassandra Westerling-Diderich

Publicatie 8 februari 2020 om 16u21. Deze officier van Justitie kreeg begin 2012 opdracht voor de uitvoering van het Daslook onderzoek door rijksrecherche. Tolteam klokkenluider en ex-rechercheur Paalman was niet gerust op de volledigheid van de onderzoeksopdracht en trachtte meerdere malen mevrouw Westerling en leden van haar team te speken. OM perswoordvoerster Kirsten Smit zei Paalman dat officier Westerling de heer Paalman niet wenste te spreken. Zij moest als officier objectief blijven en zich aan de onderzoeksopdracht van het College Pg’s houden. Ditzelfde gold voor een cruciale getuige betreffende een bewijsstuk waar mee was gerommeld. Daslook hoorde alleen getuigen die conform de eerdere officiële onderzoeksuitkomsten verklaarden.

De uitkomst van het Daslook onderzoek was stuitend. Reeds eerder beantwoorde onderzoeksvragen werden door reeds eerder betrokken onderzoekers, na een jaar durend gefingeerd onderzoek, nogmaals op eendere wijze beantwoord. Zie voor meer details hier.

13. Hoofdofficier van justitie mr. Roelof-Jan Manschot

Publicatie 8 februari 2020 om 20u55. Deze hoofdofficier van justitie zat vanaf dag-1, aan tafel met burgemeester Mans en de politieleiding. Hij was de chef van zaaksofficier Herman Stam en hij gaf ook de afsluitende persconferentie van 19 april 2001, waarop het Openbaar Ministerie haar keuzes bekend maakte in de opties van strafvervolging na de Vuurwerkramp. Het Almelose OM schijnt de gemeente wél te willen hebben vervolgen, maar het College van Pg’s besliste anders en gaf reeds in januari 2001 aan dat de overheid niet vervolgd zou worden. Ook HOvJ Manschot hield zijn rug niet recht en maakte dat in april pas bekend. Eerst moest de strafvervolging van een gewenste brandstichter en het vuurwerkbedrijf in de steigers staan voordat het OM de buitenvervolgingstelling van de overheid bekend maakte. Verdachten die vervolgd hadden moeten worden [1], werden niet vervolgd. Het Pikmeerarrest was een onterecht erbij gehaalde schaamlap voor de overheid. Onschuldigen werden daarentegen wél vervolgd.

Op die persconferentie werd naast de buitenvervolgingstelling van de gemeente ook bekend gemaakt dat de tenlastelegging van het Openbaar Ministerie tegen vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks werd verzwaard van milieuovertredingen naar ‘Dood-door-schuld’ wegens ‘Te-veel-en-te-zwaar’ vuurwerk. Zonder bijkomend bewijs. Daarbij gebruikte Manschot de beeldspraak dat een over de schutting geworpen lucifer niet zo’n ramp tot gevolg mag kunnen hebben. Manschot deed deze bekendmaking terwijl hij wist dat het Tolteam tot dan toe nog strafrechtelijk onderzoek deed naar door de gemeentelijke overheid gepleegde strafbare feiten, waarbij eerder die maand nog gemeenteambtenaren waren verhoord als ‘verdachte’ en waarbij voor de gemeente belastend materiaal ter tafel was gekomen. Het OM poetste dit weg, in opdracht van het College PG’s, ondanks de ontkenning van die PG’s.

14. …

Voetnoten

[1] Naast de rijksoverheid en de gemeentelijke overheid had ook strafrechtelijke opsporing gepleegd moeten worden naar een aantal werknemers van S.E. Fireworks (bedrijfsongeval) en vooral naar de oud-eigenaar van S.E. Fireworks: Harm S. Over het motief voor opdracht geven tot brandstichting bij S.E. Fireworks door Harm S. volgt binnenkort een zeer uitvoerig artikel met veel bewijsmateriaal. Na die publicatie zal zijn naam voluit geschreven worden.

Uw browser is verouderd!

Update uw browser om deze website goed te bekijken. Update mijn browser nu

×