Nog geen vier op de tien patiënten doet hartrevalidatie

Nog geen 40 procent van alle hartpatiënten volgt een hartrevalidatieprogramma. Dat constateert patiëntenorganisatie Harteraad. Belangrijke oorzaak: niet alle hartpatiënten krijgen automatisch een verwijzing.

Ook weten weinig mensen dat hartrevalidatie een belangrijk onderdeel is van de behandeling. De Harteraad merkt daarnaast op dat patiënten die wél aan hartrevalidatie doen daar te vroeg mee stopt. Bijna de helft van de deelnemers beweegt binnen een half jaar alweer minder. “Onze achterban vindt bewegen, en met name het volhouden ervan, een van de moeilijkste aspecten”, merkt directeur Anke Vervoord op.

Verwijzing

Om in dit alles verandering te brengen is Harteraad een campagne gestart. “We willen dat mensen weten dat ze recht hebben op hartrevalidatie en dat ze er om mogen vragen aan hun behandelend arts”, zegt Vervoord. “Het uiteindelijke doel is dat iedereen die behandeld is aan een hartaandoening een verwijzing voor hartrevalidatie krijgt.”

Het effect is groot: mensen die deelnemen hebben 50 procent minder kans op nieuwe hartproblemen. Bovendien neemt de kans om aan een hart- of vaataandoening te overlijden af met 25 tot 30 procent.

Beweegaanbod

Naast voorlichting richt de campagne zich op het vergroten van een passend beweegaanbod. De meeste sportclubs kunnen hartpatiënten geen begeleiding op maat bieden. Ook missen patiënten het contact met lotgenoten. Bij Harteraad hebben zich inmiddels 230 beweegclubs gemeld waar veilig en verantwoord kan worden gesport. Ook kunnen mensen in de toekomst worden gekoppeld aan een beweegmaatje, een vrijwilliger van Harteraad die samen met je gaat bewegen of sporten.

Nederland telt ruim 1,4 miljoen hart- en vaatpatiënten. Na een ziekenhuisopname of behandeling zijn veel mensen het vertrouwen in hun lichaam kwijt en bang om weer te gaan bewegen. Hartrevalidatie is een belangrijke eerste stap om het vertrouwen in het eigen lichaam terug te krijgen.