Arts ontslagen van alle rechtsvervolging voor voltrekken van euthanasie bij diep demente vrouw

Commentaar SIN-NL
Deze uitspraak van de rechter, zie www.rechtspraak.nl, roept vragen op.
Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg oordeelde nb zelf 19 maart 2019 dat deze arts niet aan alle zorgvuldigheidseisen had voldaan en legde een waarschuwing op, zie onderaan!
Hoe kwam deze rechter tot de criteria : eigen beoordeling, het lezen van het medisch dossier, de beoordeling van de situatie van de patiënt en overleg met artsen en de familie?
Waarom hoefde de arts niet in gesprek te gaan met de patiënt?
Deze rechter laat deze voormalige arts ermee wegkomen, zoals zoveel rechters artsen laten wegkomen met ernstig nalatig medisch handelen, zie zwartelijstrechters.org en zwartelijstartsen.com, online met toestemming van Nederlandse rechters!
Een voorbeeld zie www.drbenzylicz.org:
Dr Z. Zylicz (Ben) diende een injectie met buscopan een spierverslapper, nadat dr Zylicz Lubertus Hankes z”l zonder verzoek en zonder toestemming in coma had gebracht met morfine en dormicum, alsmede hem geen vocht en voedsel meer liet toedienen.
Dr Zylicz heeft zonder voorafgaande informatie palliatieve sedatie toegepast en op het laatst voor ogen van Sophie Hankes Lubertus Hankes een injectie gegeven. Een half uur later is Lubertus Hankes overleden. Hij is afgemaakt als een hond.
Dr Zylicz heeft de overlijdensverklaring zonder Sophie Hankes hiervan in kennis te stellen eigenhandig ingevuld. Hij heeft herhaaldelijk geweigerd om een kopie van de overlijdensverklaring ter beschikking te stellen. Daar er geen gerechtelijk onderzoek heeft plaatsgevonden is volstrekt duidelijk dat dr Zylicz heeft ingevuld dat er sprake was van een natuurlijke doodsoorzaak.
Dr Zylicz heeft het leven van Lubertus Hankes beëindigd middels palliatieve sedatie zonder toestemming en in strijd met zijn zorgplicht en in strijd met fundamentele normen van strafrecht. Zylicz maakte zich ook schuldig aan fraude. Men kan terecht de vraag stellen of er sprake is van moord op Lubertus Hankes, door dr Zylicz.. Er is in ieder geval sprake van the slippery slope van euthanasie en palliatieve sedatie.


Een voormalige arts is woensdag door de rechtbank in Den Haag ontslagen van alle rechtsvervolging voor het uitvoeren van euthanasie in 2016, omdat zij aan alle eisen van zorgvuldigheid heeft voldaan. Dit betekent dat de vrouw niet gestraft kan worden voor wat zij heeft gedaan.

Het Openbaar Ministerie (OM) vervolgde Catharina A., omdat zij in 2016 een dodelijk middel toediende aan een dementerende oudere. Dit zou in de ogen van justitie onzorgvuldig zijn gebeurd en werd gekwalificeerd als moord.

Volgens het OM was de vrouw ondanks haar dementie nog steeds in staat te communiceren en had de arts met haar in gesprek moeten gaan om alle twijfel over haar doodswens weg te nemen. Er werd geen straf geëist en een schuldigverklaring zou afdoende zijn.

De rechtbank oordeelde dat deze extra eis van het OM niet bestaat binnen de wet. De actuele stervenswens was niet te verifiëren, omdat de vrouw “diep dement” was.

Arts heeft juist gehandeld bij vrouw die diep dement was

De rechtbank moest de belangrijke vraag beantwoorden hoe er moest worden omgegaan met de zwaar demente patiënte, die in wilsbekwame toestand had laten weten dat zij vrijwillig wilde sterven.

“Dat moet op basis van eigen beoordeling, het lezen van het medisch dossier, de beoordeling van de situatie van de patiënt en overleg met artsen en de familie”, aldus de rechter. Eisen waar deze arts volgens de rechter aan heeft voldaan.

“Er was dan ook geen sprake van moord”, verduidelijkte de rechtbank. Omdat de vrouw zorgvuldig heeft gehandeld, wordt zij ontslagen van rechtsvervolging. Dat is iets anders dan vrijspraak. Het gaat om vrijspraak als een strafbaar feit niet bewezen kan worden. In dit geval was er geen sprake van een strafbare handeling.

Actieve levensbeëindiging door een arts is strafbaar, maar er wordt niet tot vervolging overgegaan als aan alle zorgvuldigheidseisen is voldaan. Dit wordt getoetst door een commissie. Die oordeelde eerder dat niet aan alle eisen was voldaan.

Commissie constateerde probleem met wilsverklaring

Het probleem zat volgens de commissie in de twee wilsverklaringen die de vrouw voor haar dood heeft laten opstellen. Er was dementie geconstateerd en de patiënte wilde niet worden opgenomen in een verpleeghuis.

Ze wilde in eerste instantie zelf voor euthanasie kunnen kiezen zolang ze nog helder van geest was. Later paste ze dit aan naar “wanneer ik daar zelf de tijd rijp voor acht”. Ze sloot haar wilsverklaring af met de woorden “dat op mijn verzoek euthanasie zal worden toegepast”.

De vrouw zei in het jaar voor haar dood nog steeds achter de euthanasie te staan, maar nog niet dood te willen. Uiteindelijk werd de vrouw opgenomen in een verpleeghuis en werd ze wilsonbekwaam verklaard.
———————-

OM: Onzorgvuldige euthanasie is moord, maar arts verdient geen straf

Een voormalige arts is volgens het Openbaar Ministerie (OM) schuldig aan het onzorgvuldig uitvoeren van euthanasie en daarmee aan moord, maar zou volgens de officier van justitie geen straf opgelegd moeten krijgen. Het is de eerste keer dat het OM een arts voor dit feit vervolgt sinds de invoering van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding in 2002.

De alzheimerpatiënte die de euthanasie onderging, is in april 2016 in Den Haag overleden.

De voormalige arts, Catharina A., gaf gehoor aan de wilsverklaring die de patiënte had opgesteld toen ze nog helder was. Echter gaf ze in latere fases van haar ziekte wisselende verklaringen af over of ze nog wilde leven of niet.

Het OM laat weten de wilsverklaring duidelijk te vinden, maar ook van mening te zijn dat de arts met de patiënte in gesprek had moeten blijven over haar “doods- dan wel levenswens”. “En zolang dat gesprek reden tot twijfel gaf, had de verpleeghuisarts moeten afzien van euthanasie.”

De officier van justitie eist echter geen straf bij de rechtbank in Den Haag, maar alleen een schuldigverklaring. Daarbij is rekening gehouden “met haar goede intenties, haar volledige medewerking en het feit dat zij al is getroffen door de vervolging en de eerdere tuchtrechtelijke procedure”.

Mocht de rechtbank de eis overnemen, houdt het in dat de voormalig arts in kwestie wel een strafblad zou krijgen.

In het kort

  • Catharina A. heeft volgens OM onzorgvuldig gehandeld
  • Patiënte in kwestie gaf wisselende verklaringen over euthanasie
  • Hoewel A. volgens het OM schuldig is aan moord, wordt geen straf geëist
  • A. had volgens OM namelijk wel goede intenties

Dochter van patiënte steunt de arts

De dochter van de patiënte steunt de arts die het leven van haar moeder heeft beëindigd. In de slachtofferverklaring die de officier van justitie namens de dochter voorlas, stelt zij dat A. handelde volgens de “duidelijk uitgesproken wens” van haar moeder.

“Het recht om aan deze martelende ziekte te ontkomen, mag niemand worden ontnomen. Ze heeft mijn moeder uit de geestelijke gevangenis gehaald waar ze zich heftig tegen verzette.”

De weg naar euthanasie in Nederland in vijf stappen

De weg naar euthanasie in Nederland in vijf stappen

‘Arts handelde niet zorgvuldig’

Eerder heeft de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE) al geoordeeld dat de arts niet zorgvuldig heeft gehandeld. De verklaringen van de demente vrouw zouden onduidelijk en tegenstrijdig zijn.

Catharina A. was een specialist ouderengeneeskunde die inmiddels met pensioen is. Tijdens een zitting in de zaak zei ze dat de patiënte wel euthanasie wilde. Het gedrag van de patiënte wees er volgens de arts op dat ze diep ongelukkig was. “Ik sta hier met een zuiver geweten”, aldus de voormalige arts.Door: NU.nl/ANP
—————-

Den Haag, 11 september 2019 www.rechtspraak.nl

De specialist ouderengeneeskunde die verdacht werd van onzorgvuldige euthanasie op een demente patiënte is ontslagen van alle rechtsvervolging. De rechtbank Den Haag vindt bewezen dat de arts het leven van de patiënte op haar uitdrukkelijk en ernstig verlangen heeft beëindigd door toediening van euthanatica. Hierbij heeft zij zich gehouden aan alle zorgvuldigheidseisen van de ‘Wet toezicht levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding’(Euthanasiewet).

Dementieclausules en wilsbekwaamheid

In oktober 2012 hoorde de patiënte dat zij dementie type Alzheimer had. Kort daarna heeft zij een schriftelijk euthanasieverzoek getekend. Bij dat verzoek zat ook een dementieclausule. In januari 2015 heeft de patiënte een herziene dementieclausule getekend. Uit die dementieclausules blijkt dat de patiënte bij vergevorderde dementie beslist niet in een verpleeghuis wilde worden opgenomen.
De patiënte sprak regelmatig met haar huisarts en geriater over de dementieclausules. Zowel de huisarts als de geriater waren van mening dat de patiënte wilsbekwaam was toen zij de euthanasieverklaring en dementieclausules tekende. Ook besprak zij vaak en jarenlang haar euthanasiewens met haar echtgenoot en dochter.

Wilsonbekwaam

Halverwege 2015 ging de patiënte hard achteruit en in januari 2016 was zij voor het laatst bij de huisarts. Deze stelde vast dat mevrouw niet meer wist wat het woord euthanasie betekende. Ze was toen niet meer wilsbekwaam. Begin 2016 werd ze opgenomen in het verpleeghuis waar de arts toen nog als specialist ouderengeneeskunde werkte. De arts hoorde van de echtgenoot van de patiënte dat er een wilsverklaring was en onderzocht of het mogelijk was op basis van die verklaring euthanasie te plegen.

Zij nam het medisch dossier door en sprak met de huisarts, echtgenoot en dochter. Ze overlegde met het behandelteam in het verpleeghuis, de psycholoog van de patiënte en met een consulent van de levenseindekliniek. Ze had ook contact met de patiënte, is gesprekken met haar aangegaan en heeft haar meermalen en ook langdurig geobserveerd. De echtgenoot en dochter hebben toestemming gegeven om opnamen van de patiënte te maken en ook die heeft de verdachte bekeken.

Alle wettelijke eisen

Het beeld dat uit al die observaties en gesprekken naar voren kwam was een diep demente, wilsonbekwame mevrouw die een enorme ontluistering van haar persoon had doorgemaakt en nog steeds doormaakte. Medicijnen om haar toestand wat te verlichten hielpen niet.

De verdachte heeft over de toestand van patiënte ook nog het oordeel van twee onafhankelijke artsen ingewonnen, namelijk een psychiater die ook SCEN-arts was en een SCEN-arts, die internist was. Zij hebben, na contact met en observatie van de patiënte, geoordeeld dat het euthanasieverzoek van de patiënte aan alle wettelijke eisen voldeed. Op 22 april 2016 heeft de verdachte het leven van de patiënte door toediening van euthanatica beëindigd en dat ook aan de gemeentelijke lijkschouwer gemeld.

Juridische aspecten

In 2019 oordeelde het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg dat de verdachte niet aan alle zorgvuldigheidseisen van de Euthanasiewet had voldaan. Zij kreeg daarvoor de maatregel van waarschuwing opgelegd. De tuchtrechter gaat echter over medisch-professioneel handelen en in deze zaak zijn juist belangrijke juridische aspecten aan de orde. De belangrijkste vraag die de officier van justitie beantwoord wilde zien was door de tuchtrechter niet beantwoord; heeft de arts de plicht om de actuele levens- of stervenswens van een wilsonbekwame, diep demente patiënte te verifiëren om te kunnen spreken van een vrijwillig, weloverwogen verzoek tot euthanasie?

Niet strafbaar

De rechtbank is van oordeel dat de arts de actuele stervenswens niet hoefde te verifiëren. De patiënte was diep dement en volledig wilsonbekwaam. Het gebruik van premedicatie was besproken met de familie en artsen en was in dit geval niet onzorgvuldig. Het bewezenverklaarde feit is niet strafbaar en de arts wordt van alle rechtsvervolging ontslagen.

Uitspraken

Uw browser is verouderd!

Update uw browser om deze website goed te bekijken. Update mijn browser nu

×