Als de dokter kritiek krijgt…

Toelichting SIN-NL
Wat een onvolledig artikel van journalist Steenhorst. Hij vervult een gevaarlijke dubbelrol. Enerzijds doet hij voor als beschermer van patienten, maar anderszijds beschermt hij falende artsen.
Weer neemt hij geen contact op met stichting SIN-NL en dat zegt alles, want SIN-NL is de enige onafhankelijke organisatie die zich volledig en uitsluitend inzet voor patienten, slachtoffers en nabestaanden van medische fouten.
Hij vergeet dat Prof. Jan van Dijk, victomoloog Universiteit van TIlburg onderzoek deed naar slachtoffers van medische fouten en schrok van hun ernstige situatie, vaak volledig aan hun lot overgelaten door falende zorgverleners.
Prof. Friele werkt voor het NIVEL een onderzoek van, voor en door artsen en hij vergeet dus ook het belangrijke onderzoek van Prof. van Dijk. Dat is en onbehoorlijk en onwetenschappelijk.
Lees: Rapport Leemten in de slachtofferhulpverlening door Prof. van Dijk, criminoloog Universiteit van Tilburg 2009


Arme dokters toch! Want, eenmaal aangeklaagd wegens vermeende medische fouten, voelen zij zich tijdens een tuchtzaak dikwijls ’aangevallen, gecriminaliseerd, machteloos en boos’.

Dat stelt althans het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg, Nivel, na een recente peiling onder medisch specialisten: „De meerderheid van de terechtstaande medici ervaart negatieve gevolgen voor zijn gezondheid en professioneel functioneren.”

Maar wáár is de patiënt in dit verhaal? „Daar is al eens eerder onderzoek naar gedaan”, antwoordt desgevraagd hoofdonderzoeker, adjunct-directeur Roland Friele. Wanneer dan? „In 1998. Over enige tijd doen we dat zéker weer.”

„Dit is de wereld op z’n kop!” reageren de ouders van Mylan Tilburg uit Huissen op de uitkomst van dit eenzijdige Nivel-onderzoek. Hun zoon, bij wie acute leukemie was vastgesteld, overleed begin januari 2015 door ernstige medische nalatigheid van artsen. Een ernstige schimmelinfectie met de ’aspergillus’ werd meermalen over het hoofd gezien, omdat controles daarop uitbleven. Zo luidt althans het verwijt van Ineke en Aad Tilburg. Mylan werd 16 jaar.

„Het is alsof dokters niet kunnen snappen waarom er over hen wordt geklaagd”, schreef bedrijfsarts en epidemioloog André Weel een jaar geleden in zijn blog in het artsentijdschrift Medisch Contact. „Een soort ontkenningsfase”, noemt hij het, zo van: ’Dit kan niet waar zijn. Wat een flauwekul. Wat is er nou helemaal gebeurd?’

Het universiteitscentrum waar Mylan Tilburg stierf, behandelde de ouders, naar zij ervoeren, als ’vijanden van het ziekenhuis en de dokters’. „Helemaal toen wij een tuchtzaak aanspanden. Het enige dat wij wilden, was een verklaring wat er écht was gebeurd, een verontschuldiging, medeleven. Is er nooit welgemeend gekomen. Hadden we die dokters dan nog moeten bedanken voor de verleende zorg of zo?”

Na de ontkenning volgt voor de aangeklaagde dokter de fase van machteloosheid, meldt André Weel in zijn blog ’De dokter en de klacht’. „De tuchtrechtelijke procedure is onontkoombaar, de uitkomst onvoorspelbaar. Ook al heb je het in eigen ogen nog zo goed gedaan, je hebt geen idee hoelang het gaat duren. Je kunt geen enkele invloed op het proces uitoefenen. Je bent weerloos. Je voelt je eenzaam.”

Eenzaam. Dat voelden ook Paula en Linda Kroesen uit Rotterdam zich toen zij hun klachten tegen talloze behandelaars van het (ook al niet meer bestaande) Ruwaard van Puttenziekenhuis te Spijkenisse hoorden weghameren. Soms in enkele minuten, dan was hun lang voorbereide klacht al van tafel geveegd. De medische tuchtrechter was er niet voor hún verdriet – de dood van hun moeder, Wilhelmina van Dijken, door fouten zoals zij beweerden – maar om te kijken of artsen procedureel iets verkeerd hadden gedaan.

„We voelden ons alleen staan, niet serieus genomen, omdat wij voor tuchtrechters stonden die niet geïnteresseerd waren in leken zoals wij. Ze bekommerden zich alleen om de beroepsgroep.”

Arme, arme nabestaanden…