Het UWV knoeide met mijn dossier en de rechter zweeg daarover

In 2004 ben ik gaan werken als activiteitenbegeleider in een organisatie voor mensen met een verstandelijke en lichamelijke beperking.

In 2007 kreeg ik de kans om als ambulant cliëntbegeleider aan de slag te gaan in een nieuw te vormen team.

De werkzaamheden en de ontwikkelingen die daaruit voortvloeide brachten wrijving en inzichten binnen het team waardoor de samenstelling qua werknemers veranderde. In 2009 kreeg ik conflicten met een mannelijke senior collega waardoor ik mij niet meer veilig voelde op mijn werk.

Tijdens een vergadering barstte de bom. Ik liep al zes weken met een nekischias en heb mij de dag daarna wegens al die extra spanningen ziek moeten melden.

Ik kwam bij de bedrijfsarts terecht. Ik vertelde waar ik tegenaan liep. Zoals dat mijn hoogsensitiviteit vaak grond van opmerkingen was voor mijn collega en dat ik nu eenmaal dingen zag.

Een aantal jaren later las ik in mijn UWV-dossier in de papieren van de bedrijfsarts terug: Psychose? Ik was flabbergasted want de man heeft mij verder niet gevraagd wat ik hiermee bedoelde, met het zien van dingen.

Ik doelde op het gedrag van de collega die privé met werk mengde maar anderen daar op aansprak en ook zijn houding eerder naar andere collega’s. Toen ik hem daar vervolgens op aansprak viel dit niet in goede aarde.

Uiteindelijk bleef die collega als enige over van ons team. Zelfs de leidinggevende was vertrokken. Daarnaast was ik destijds lid van een ethische commissie en daar kwam mij een verhaal ter ore wat enorm absurd was. Iets waarvan je je later afvraagt of je nog had kunnen functioneren binnen zo’n organisatie.

Dit incident, en later andere incidenten met artsen en arbeidsdeskundigen van het UWV, zijn bepalend geweest voor mijn dossierinhoud. Mijn ervaring met instanties en hulpverlening is dat men veel met invullingen, aannames en conclusietrekkingen werkt.

Eén arts weigerde ronduit naar mijn verhaal te luisteren want alles stond wel in het dossier. Hoe kun je zonder in gesprek te gaan een fatsoenlijk dossier opbouwen?

In de loop van de jaren ben ik diverse re-integratietrajecten ingegaan. Vanuit de werkgever, vanuit het UWV en vanuit de bijstand. Allen liepen op niets uit. Door een fikse burn-out die ik door de jaren van onbegrip en miscommunicatie opliep, was ik niet meer in staat om te werken.

Ik raakte overprikkeld, werd overgevoelig voor geluid en licht en mijn lichaam verloor vaker haar kracht dan mij lief was. Daarnaast had ik steeds fysieke klachten.

Steeds als ik in goede wil iets probeerde, liep ik binnen enkele maanden vast op de werkvloer. Ik leek wel getraumatiseerd.

Een whiplash uit het verleden speelde met grote regelmaat op. En in die tijd kreeg ik een aanrijding met de auto waardoor mijn klachten weer opspeelden. Mijn klachten waren niet te zien op een MRI, scan of foto maar ik had ze, aanwijsbaar of niet. Doch, in onze samenleving telt dit niet.

Mijn hoogsensitiviteit is nooit een probleem geweest, tot ik ziek werd. Wij mensen worden slechts als een verdiencapaciteit gezien. Alles dient bewezen te worden en als je daar niet toe in staat bent, dan heb je geen grond van rechten.

Ik kreeg op oudejaarsdag 2013 van het UWV te horen dat ik met terugwerkende kracht vanuit de ziektewet een WIA-uitkering kreeg. Maar, deze werd ook direct in 2014 weer stopgezet. Op wat voor grond? Niemand die het weet, er was immers niets aan mijn situatie veranderd.

Ik ben in bezwaar, beroep en hoger beroep gegaan. Ik heb artikelen aangedragen over onderzoeken, ontwikkelingen op medisch, wetenschappelijk en maatschappelijk gebied wat betreft hoogsensitiviteit.

Ik heb theses geschreven over hoe het bij mij werkt en zaken aangedragen over mijn fysieke gesteldheid. Het heeft niet mogen baten.

Zelfs dat het UWV geknoeid heeft met mijn dossier vonden de rechters geen reden om mijn dossier eens goed onder de loep te nemen. Mijn advocaat pleitte voor een onafhankelijk onderzoek en wees op de onjuistheden in het dossier.

Ik heb geen onafhankelijk onderzoek gekregen. Dit is iets waar ik mee kan leven. Maar dat de rechter met geen woord repte over de frauduleuze handelingen inzake mijn dossier… Mijn vertrouwen is door het jarenlange proces met overheid en instanties gedaald tot een nulpunt.

Laatst moest ik in gesprek met iemand van de gemeente om te kijken of ik weer werkzaamheden kan verrichten. Ik verzocht vooraf tot een opname van dit gesprek. ‘Dit verzoek heb ik nog niet eerder gehad’, zei zij. Ik legde haar het waarom uit.

Zo open en vol vertrouwen als ik in het leven stond toen ik bij mijn toenmalige werkgever ging werken, zo heeft dit vertrouwen een keerpunt gekregen door de ervaringen van de afgelopen jaren met onder meer het UWV.

Het beetje vertrouwen wat ik nog in onze rechtspraak had, is door de uitspraak van de rechter verdwenen.

Een ontgoochelde vrouw

Foto komt uit de collectie van Monique Paulina Jouvenaar-van Eerden.

Delen:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone