Telegraaf: ’Medische doofpot schering en inslag’

Commentaar SIN-NL
Voor de leek lijkt dit een goed artikel. Maar pas op: veel staat er niet.

Waarom schrijft Steenhorst niet wat de ethische, professionele en wettelijke plichten van artsen zijn na medische fouten: zoals informeren, registreren in medisch dossier, geven van herstelbehandeling, melden bij de Inspectie Gezondheidszorg -IGZ- bij ernstige gezondheidsschade of overlijden de zgn calamiteiten?
Waarom noemt Steenhorst niet eens de Wet Geneeskundige Behandelings Overeenkomst en de Wet Kwaliteit, Klachten, Geschillen Zorg?
Waarom schrijft Steenhorst niet dat de 900 calamiteiten meldingen bij de IGZ slechts het topje van de ijsberg zijn en dat er sprake is van ernstige onderrapportage?
Waarom verzwijgt Steenhorst het bestaan van SIN-NL de enige onafhankelijke stichting die zich inzet voor de verbetering van de positie van slachtoffers van medische fouten en hun nabestaanden?
Waarom praat Steenhorst alleen met advocaat Beer en letselschade-expert Drost die beiden al jaren tonnen verdienen aan het “bijstaan” van slachtoffers van medische fouten en hun nabestaanden?
Is dat misschien omdat zowel Beer, Drost als Steenhorst deals sluiten met de medische sector?
Het is zeer ongeloofwaardig dat de IGZ stelt dat : het jaarlijks zo’n 20 keer voor dat burgers calamiteiten melden die niet door het ziekenhuis zijn gemeld.
Het gaat zeker om honderden zoniet duizenden meldingen.
Ook de IGZ doet als organisatie van en door artsen hard mee aan het verzwijgen en in stand houden van de doofpot medische fouten en het beschermen van falende artsen, zie oa www.inspectiegezondheidsz.org
De chirurg die door Drost genoemd wordt is dr Serdjan Rakic, zie het Doofpotdossier.
Bezint eer ge begint met het benaderen van alle bovengenoemde heren.

 Radia Soury vervloekt de kinderarts en de assistent die een aandeel hadden in de dood van haar zoontje, Shakir (10). „Tijdens de zitting ontkenden de artsen hun fouten, glashard.”
Radia Soury vervloekt de kinderarts en de assistent die een aandeel hadden in de dood van haar zoontje, Shakir (10). „Tijdens de zitting ontkenden de artsen hun fouten, glashard.”

Ziekenhuizen zwijgen nabestaanden en slachtoffers nog steeds dood na blunders personeel

 

Is het schaamte voor zorg die onvolmaakt bleek, doorgeslagen zelfbescherming of gewoon hooghartigheid? Feit is dat zorgzame ziekenhuizen op slag in emotieloze zoutpilaren veranderen bij medische blunders. Dan gaan de luiken dicht, roepen ziekenhuisjuristen het vijandbeeld af over de gedupeerde klagers en geldt de geheimhoudingscode.

 John Beer
John Beer
Foto: Hanna Hachula
 Hanneke Roos is invalide geworden door een operatie waarbij een zenuw werd geraakt.
Hanneke Roos is invalide geworden door een operatie waarbij een zenuw werd geraakt.
Foto: Martin Mooij
 Yme Drost
Yme Drost
Foto: Reinier van Willigen

Vervloekt heeft Radia Soury hen, de kinderarts en de arts-assistent. Beiden hadden een aandeel in de dood van haar zoontje, Shakir (10). En allebei trokken ze zich terug in hun schulp, toen ze eenmaal, ter verantwoording voor de tuchtrechter stonden.

„Tijdens de zitting ontkenden de artsen hun fouten glashard!” zegt Radia uit Eindhoven, door de herbeleving opnieuw geëmotioneerd. „Ze waren zogenaamd ’op tijd’ geweest, maar ’Shakir bleek niet te redden’, lógen ze. De arts kwam veel te laat de eerste hulp binnen, waar ik al drie kwartier met mijn doodzieke kind was. ’De zorg was daar al gaande’, heette het. Maar in heel het ziekenhuis was dat weekend geen specialist aanwezig. Uiteindelijk durfde de assistent niet te intuberen, dat had ze nog nooit gedaan bij kinderen. Ze wilde Shakirs stembanden niet beschadigen. Shakir is gestikt…”

De tiener stierf in augustus 2012, nadat een aanval van adem afsnijdende astma medisch verkeerd was behandeld in het Brabantse ziekenhuis. „De verpleegkundigen waren vol begrip en medeleven. Ze huilden toen wij huilden, omarmden ons en waren echt tot steun. Maar tijdens de rechtszaak herkenden wij daar niets meer van terug: hun gezichten stonden hard, hun ogen op minzaam en ze ontweken onze blikken, er was niets meer van het gedeelde verdriet van toen. Wij hadden het ziekenhuis aangeklaagd voor de dood van ons kind, de zorg bekritiseerd, en dát maakte ons tot tegenpartij.” De klacht tegen de behandelaars is uiteindelijk afgewezen door het Regionaal Tuchtcollege Eindhoven.

Overlijden

Elk jaar treedt in Nederland vermijdbare medische letselschade op bij naar schatting 40.000 personen, aldus blijkt uit verschillende studies. Ruim 1900 mensen zouden aan de gevolgen hiervan overlijden. Maar er zijn ook onafhankelijke onderzoekers die over 17.000 tot 20.000 doden in de Nederlandse ziekenhuizen spreken. Volgens de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) komt het jaarlijks zo’n 20 keer voor dat burgers calamiteiten melden die niet door het ziekenhuis zijn gemeld. Terwijl volle openheid zou moeten bestaan over gemaakte medische fouten, gaan ziekenhuizen (en artsen), vrijwel zonder uitzondering, „uiterst verkrampt” om met onvolkomenheden in hun zorg. Dat constateren zowel letschade-expert Yme Drost uit Hengelo als de Amsterdamse medisch gespecialiseerde advocaat mr. John Beer. Beiden hebben grote ervaring in het juridisch bijstaan van slachtoffers van medisch falen. ’Verzwijgen, verhullen, een afwerende houding – het is nog altijd schering en inslag’, stellen zij. ,,Come on, het is 2016!” zegt Beer.

„Met recht kun je spreken van ’defensieve’ zorg”, stelt de advocaat. „Ziekenhuizen stellen zich verdekt op, gooien de blinden voor de ramen wanneer kritiek wordt uitgeoefend op de kwaliteit van hun zorg. Ze gedragen zich als vechtmachines. Ze staan ook niet los van hun eigen aansprakelijkheidsverzekeraars, er is geen ’distantie’ omdat het onderlinge verzekeraars zijn waarin de ziekenhuizen zelf een grote rol spelen. Er is dan ook geen objectieve afstand, zoals die bestaat tussen een automobilist met schade en zijn eigen verzekeraar. Daar vindt een veel onafhankelijker beoordeling plaats, of de geclaimde schade terecht is. Bij ziekenhuizen niet.”

Letselschade-expert Yme Drost kan de kiem van die nog immer sterk afwerende houding van ziekenhuizen, bij kritiek, wel duiden. „Een gepensioneerde medisch specialist vertelde mij: ’Tijdens colleges prentte de hoogleraar ons in: u maakt geen fouten, u bent straks dokter. En als u ze wel maakt, dan geeft u ze niet toe. Want, dat beschadigt het vertrouwen in de geneeskunde’. Zó ging dat destijds in de opleiding. Die opmerking maakte veel duidelijk. Vooral bij oudere artsen speelt dit nog steeds, bij jongere wat minder.”

Hanneke Roos uit Bergen (N-H) zegt „een soort diepvriesbeen” te hebben overgehouden aan een operatie in een ziekenhuis te Alkmaar. Zij kampte met pijn in haar linkerbeen, door een zenuwbeknelling in haar onderrug. Die kanaalvernauwing (’stenose’) kon volgens de chirurg eenvoudig worden opgeheven, terwijl mevrouw Roos (65) daarover sceptisch was. „Ik heb tamelijk broze botten, en al wat slijtage, een operatie zag ik niet zo zitten. Maar de dokter zei: ’Prima ruggetje, makkelijk te opereren’.” De ingreep duurde ruim twee uur, langer dan voorzien.

De afknellingspijn in het geopereerde been is weliswaar ietsje minder, geeft ze toe. „Maar ik heb het nu ook in mijn rechterbeen, terwijl mijn rugpijn is verergerd. Nu kan ik slecht zitten, ook tijdens het autorijden. Werken gaat niet meer. Zwemmen, fietsen en (trap)lopen gaan eveneens moeilijk; ik was altijd heel sportief.”

De voormalige fotostyliste neemt het de arts niet eens echt kwalijk. „Hij heeft dat ook niet expres gedaan. Hij gaf eerlijk toe de zenuw, per ongeluk, kapot te hebben gemaakt. Maar na de ingreep kreeg ik een pot pillen tegen de pijn mee, en voor de rest: Toedeloe! De fysiotherapie en acupunctuur die daarna volgden moest ik zelf betalen. En na acht maanden ellende bood het ziekenhuis mij een ’acceptatiecursus’ aan.” Een wát?! „Nou, kennelijk om te leren aanvaarden dat ik hier zó mee verder moest leven… Een belediging!” En zoals dat zo vaak gaat: de standpunten verhardden toen mevrouw Roos een letselschadeadvocaat inschakelde. Het ziekenhuis trok onmiddellijk de loopbrug op. Samen met haar zus had ze een gesprek met de juridische afdeling van het ziekenhuis. Hanneke Roos: „De boodschap was duidelijk: ’Als wij iets voor u gaan doen’ – er werd 25.000 euro genoemd – ’dan moet u wel uw mond houden’.”

Bombastisch

De ’bijdrage in de kosten’ bleef uit. „Maar de bewoordingen, ook schriftelijk, zijn zodanig bombastisch, dat sommige mensen daarvan onder de indruk zullen zijn en het dan maar accepteren. Kijk, het is niet dat ze me bedreigd hebben, maar de hele setting was… nu ja, dreigend.” En bijna vergeet mevrouw Roos nog te vertellen: „In de brief die de huisarts ontving, stond dat de ingreep goed was gegaan. Het operatieverslag meldde echter dat er ’liquor’, hersenvocht, was aangeprikt…”

In het algemeen geldt, ervaren de letselschadespecialisten Beer en Drost, dat medische feiten moeizaam of niet ter tafel komen, er nimmer de volle waarheid wordt opgebiecht, zaken vaak worden verdraaid, en benadeelden platgewalst met zware juridische taal met maar één doel: afzien van stappen tegen een dokter of een ziekenhuis.

John Beer noemt ’de nieuwe openheid, de transparantie’, waarvan ziekenhuizen de mond vol hebben, een farce. „Er is wél wat veranderd: vroeger werd er gewoon géén informatie gegeven, het was toen duidelijk dat er geen openheid bestond. Nu doen ziekenhuizen alsof ze openheid betrachten, maar ze zeggen nog steeds niks. In die zin is de situatie zelfs slechter geworden. Er is hooguit selectieve openheid. Openheid zoals men die zélf wil geven; geen openheid zoals patiënten of nabestaanden die zouden willen.”

„Artsen en ziekenhuizen zouden moeten begrijpen dat het ook in hun eigen belang is patiënten en nabestaanden de door hen gewenste openheid te bieden”, stelt mr. Beer. „De praktijk leert dat zij heel goed kunnen begrijpen dat fouten worden gemaakt, maar niet dat deze worden verdoezeld.”

Letselschade-expert Drost stond tientallen patiënten bij in de geruchtmakende affaire rond het desastreuze medisch handelen van neuroloog dr. Ernst Janssen Steur. „Hij stond goed aangeschreven, werd daar gezegd”, stelt Drost. „Het kón niet bestaan dat híj een fout maakte, laat staan vele. Iedereen was ’blind’.”

Opnieuw is er nu een medisch schandaal vanuit een vergelijkbare oorsprong: een topchirurg van de Ziekenhuisgroep Twente (ZGT), lijkt in veelvoud de fout te zijn ingegaan. De dood van mogelijk drie à vier mensen wordt aan Serdjan R. toegeschreven. Er zijn al zo’n 40 meldingen over zijn laparoscopische wanprestaties bij darm- en galblaasoperaties. Drost: „In 2009 ben ik al op dit ziekenhuis afgestapt met enkele concrete zaken. Het antwoord was: ’Onmogelijk, kán niet waar zijn, dit is een van onze allerbeste artsen.’ Daarna werd ik aangesproken door een arts, die me zei: ’Hoor ik dat je R. wilt aanpakken? Weet wat je doet, die man is een grootheid’.”

„Nu zijn we zeven jaar en een paar doden verder, en nu pas is de Inspectie een zaak tegen deze arts begonnen. De onderzoekscommissie van het ZGT concludeert nu, op basis van video-opnamen van operaties door R.: ’De techniek en handelingen lijken van een relatief onervaren chirurg te zijn.’ Ofwel, hij zag de handen van de chirurg verkeerde weefsels doorsnijden”, besluit Drost.

Delen:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone