Fraude? ‘Registreren is kerncompetentie medisch professional’

‘Registreren is kerncompetentie medisch professional’

Het correct en tijdig registreren aan de bron behoort een integraal onderdeel te zijn van het werk van medische professionals. Zogeheten ‘dweilers’ die de administratie van collega’s overnemen, hebben in dit proces geen plaats. Dat stelt adviesbureau Berenschot in een handreiking in opdracht van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) ten behoeve van betere compliance in de ziekenhuizen.

 De opstellers concluderen dat ziekenhuizen nog altijd moeite hebben met de regels voor rechtmatig registreren en declareren. Weliswaar zijn de ziekenhuizen de laatste jaren bewuster bezig met het correct registeren en declareren van zorg, toch is er nog veel te winnen.

Geen hobby

Om de compliance in de sector te verbeteren heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) samen met adviesbureau Berenschot een handreiking opgesteld met allerhande praktische tips. In het FD licht bestuursvoorzitter Marian Kaljouw van de NZa de introductie van de handreiking toe. “Als het over declareren en administratie gaat, dan loopt de sector niet voorop”, aldus Kaljouw in het FD. “Declareren is niet de hobby van een professional. Daar hebben ze hulp bij nodig. Dat is wat je ziet.”

Gouden standaard

Correcte en zo volledig mogelijke registratie aan de bron is juist één van de centrale maatregelen die Berenschot adviseert om de compliance te verbeteren. Het adviesbureau noemt registreren aan de bron zelfs ‘de gouden standaard’. Ziekenhuizen zouden bij de werving en selectie van medisch specialisten en ander zorgpersoneel al rekening moeten houden met de veranderende eisen op het gebied van registreren van zorg. Daarnaast moeten artsen op dit punt geregeld worden bijgeschoold.

Dweilers

Ook hamert Berenschot op het belang van medisch leiderschap, met name ten aanzien van de maatschappelijke verantwoordelijkheid voor kostenbeheersing. Ziekenhuizen moeten er wat Berenschot betreft voor zorgen dat individuele zorgprofessionals daadwerkelijk verantwoordelijk zijn voor hun registraties. De inzet van zogeheten ‘dweilers’ is uit den boze, oftewel: medisch specialisten die registraties voor collega’s binnen een vakgroep aanvullen.

Ook de raad van bestuur moet als het om compliance gaat leiderschap tonen, vindt Berenschot, niet alleen door een duidelijke strategie uit te zetten, maar ook door transparant voorbeeldgedrag te vertonen. Daarmee kan een raad van bestuur duidelijk maken dat correct registreren en declareren een zaak is van alle geledingen binnen het ziekenhuis. Daarnaast moet er binnen ziekenhuis een meer systematische risico-analyse rond compliance komen. Dit betekent onder meer een actievere rol van de raad van toezicht, of zoals Berenschot het verwoordt “toezicht is meer dan toekijken”.

Kaljouw ontkent dat de NZa decompliance bemoeilijkt door ziekenhuizen op te zadelen met telkens nieuwe administratieve lasten. “Wij komen niet met regels die niet nodig zijn”, aldus Kaljouw in het FD. “Onderschat ook de rol van de sector niet. Die heeft de neiging om te zeggen: “Kunt u daar nog een regel over maken?” Zo regel je gezamenlijk de sector dicht.”

Professionele standaard

Als de nieuwe handreiking tot extra werkzaamheden leidt dan zijn de ziekenhuizen dit wat Kaljouw betreft aan hun stand verplicht. “Het gaat over een sector van 22 miljard euro! Daar hoort een goede administratie gewoon bij. We zijn het aan onze stand verplicht de burger te laten zien: zo wordt het weggezet en dit is wat u ervoor krijgt. Dat moet echt onderdeel uitmaken van de professionele standaard van een zorginstelling.”

Over de rechtmatigheid van de declaraties van ziekenhuizen is de afgelopen jaren het nodige te doen geweest. Vorig jaar meldden de zorgverzekeraars in 2013 in het kader van de Zorgverzekeringswet voor in totaal 356 miljoen euro aan onterechte declaraties te hebben tegen gehouden.

Het St. Antonius in Utrecht en Nieuwegein kreeg vorig jaar van de NZa een boete van 2,5 miljoen euro opgelegd naar aanleiding van verkeerde declaraties in de periode van 2008 tot en met 2012. In totaal ging het om een bedrag van 24,6 miljoen euro.

 

 

 

Delen:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone