Dossier Zorgfraude: Gemeenten: Beboet foute zorgaanbieder

Om de miljoenenfraude met declaraties de kop in te drukken, moeten malafide zorgaanbieders hard worden aangepakt met hoge boetes. Op dit moment hoeven zij als de zorgfraude is ontdekt alleen de ten onrechte gedeclareerde bedragen aan de gemeenten terug te betalen. Volgens de VNG, waarbij 388 gemeenten zijn aangesloten, heeft dat geen afschrikkende werking.

Sjoemelende zorgaanbieders proberen met minimale zorg aan kwetsbare cliënten maximaal te cashen. In een interview met Trouw waarschuwt Ad van Mierlo, directeur van Kenniscentrum Handhaving en Naleving van de VNG, dat er in de zorg ‘koppelbaaspraktijken’ kunnen ontstaan die gedijen door weeffouten in het nieuwe stelsel, in combinatie met onvoldoende controle door gemeenten. Die zijn sinds 2015 verantwoordelijk geworden voor een groter deel van de thuiszorg en voor de jeugdzorg.

Concrete cijfers over de omvang van fraude in de zorg zijn er niet, maar deze loopt al gauw in de miljoenen. Vooralsnog gaat het Kenniscentrum er vanuit dat voor de zorg eenzelfde fraudepercentage geldt als bij de Wet werk en inkomen (uitkeringen) die ook onder de gemeente valt: zo’n 5 tot 8 procent.

Bij het Kenniscentrum van de VNG hebben inmiddels zeventig van de in totaal 388 gemeenten aangeklopt voor hulp bij complexe fraudemeldingen. Met regelmaat is er in zulke zaken sprake van zorg die onder de maat is, soms van regelrecht crimineel handelen als het management van een instelling de de persoonsgebonden budgetten (pgb’s) van kwetsbare cliënten afroomt zonder daar enige prestatie tegenover te stellen.

Een voorbeeld van zulke fraude is te vinden bij de Hengelose Stichting Woonbegeleiding Jongeren waar in december vorig jaar vier leidinggevenden werden gearresteerd. Het geld dat was bestemd voor verstandelijk gehandicapten zouden zij in eigen zak hebben gestoken.

Cliënt gespaard

Tot voor kort waren de cliënten met een pgb persoonlijk aansprakelijk als na afloop bleek dat de zorg die was verleend niet overeenkwam met de door de gemeente betaalde declaratie. De zorgverlener bleef buiten schot. Door een aanpassing van de regelgeving per 1 april blijft de cliënt bij dit soort fraude in het vervolg gespaard, en moet de zorgverlener de ten onrechte uitbetaalde declaraties aan de gemeente terugbetalen.

Volgens het Kenniscentrum is dit een stap in de goede richting, maar zijn er aanvullende maatregelen nodig. Malafide zorgverleners hoeven namelijk alleen maar geld terug te geven voor diensten die zij níet geleverd hebben, maar krijgen daarnaast geen boete opgelegd. Het opleggen van hoge boetes wordt veel meer gevoeld in hun bedrijfsvoering en moet er volgens het Kenniscentrum voor gaan zorgen dat bedrijven op het rechte pad blijven.

Gemeenten zeggen dat er in het gedecentraliseerde zorgstelsel een ‘grijs gebied’ is ontstaan tussen zorg die net aanvaardbaar is en zorg die duidelijk achterblijft, maar volgens Van Mierlo is er in élke kwestie waarin de verleende zorg opzettelijk afwijkt van de afspraak en declaratie sprake van frauduleus handelen. De fraudebestrijder is er overigens van overtuigd dat de decentralisatie van de zorg naar de gemeenten niet de oorzaak van het gesjoemel is, maar dat deze juist aan het licht komt omdat het lokaal bestuur er zo dicht opzit.

Gemeenten zijn op de goede weg, toch kan die controle op fraude volgens Van Mierlo beter. Circa een vijfde van de 388 gemeenten heeft op dit moment nog geen toezichthouder en loopt ook anderszins achter de feiten aan. Daar staat tegenover dat een vijfde van de gemeenten juist erg fraudebewust en actief is in toezicht en controle. De middenmoot presteert wisselend.

Het Kenniscentrum van de VNG pleit ook voor een uitwisseling van gegevens over zorgaanbieders tussen gemeenten, zodat voordát bedrijven worden ingehuurd hun staat van dienst bekend is.