Isalaziekenhuis gynaecologen/baby Bruinink

Isala voor tuchtrechter vanwege fatale verminking baby

De Zwolse Isala-kliniek moet zich binnen afzienbare tijd voor de medische tuchtrechter verantwoorden wegens de dodelijke verminking van een baby. Het premature jongetje stierf bij de bevalling.

Christiaan Bruinink: „Enige compassie heb ik van de Isala-kliniek niet gekregen. Ze proberen je te breken, in álles wat ze doen. Zoals het toesturen van een belangrijke brief op de sterfdag van het eerste kind. Want jíj bent de tegenpartij in een juridisch gevecht.” Christiaan Bruinink: „Enige compassie heb ik van de Isala-kliniek niet gekregen. Ze proberen je te breken, in álles wat ze doen. Zoals het toesturen van een belangrijke brief op de sterfdag van het eerste kind. Want jíj bent de tegenpartij in een juridisch gevecht.” Foto: Johannes Dalhuijsen

De vooraanstaande letselschadespecialist Yme Drost bereidt namens de vader van het kind een omvangrijke tuchtzaak voor. De betrokken gynaecoloog wordt, op meerdere onderdelen van zijn handelen, medische nalatigheid verweten.

Drost werd bekend als belangenbehartiger in onder meer het geruchtmakende patiëntendrama rond ex-neuroloog Jansen Steur.

De vader van het kind, Christiaan Bruinink uit Enschede, betreurt de gang naar het tuchtcollege: ,,Het ziekenhuis had dit alles kunnen voorkomen als men de fout had toegegeven; ik weet ook wel dat ongelukken kunnen gebeuren. Maar de fout wordt nog altijd ontkend.”
Lees hier het interview met de vader van de verminkte Aleksandr.
Telegraaf 13 jun 2015 René Steenhorst

Reactie Isala op artikel Telegraaf/Stentor overleden baby
Maandag 15 juni 2015

Afgelopen zaterdag 13 juni is er een artikel in De Telegraaf verschenen waarin Isala verantwoordelijk zou worden gehouden voor de dodelijke verminking van een extreem te vroeg geboren baby. Het kindje, geboren met een zwangerschapsduur van 25 weken, stierf in april 2013 tijdens de bevalling. De ouders verwijten de gynaecoloog medische nalatigheid. Een mogelijke tuchtzaak zou worden voorbereid door letselschadespecialist Yme Drost. De vader deed zaterdag zijn verhaal in de Telegraaf.

Wij hebben in dit artikel als volgt gereageerd:
Isala kent deze verdrietige gebeurtenis. Wij hebben dan ook alle begrip voor de emoties die hiermee gepaard gaan. Wij zijn meerdere keren zeer uitvoerig met elkaar in gesprek geweest, ook met de Raad van Bestuur en de klachtenfunctionaris. Twee externe medisch deskundigen hebben zich over de kwestie gebogen. Hieruit is vast komen te staan dat de kwaliteit van de afdeling en het functioneren van de medewerkers en specialisten niet in het geding is geweest. Verder bespreekt Isala een individuele casus vanwege het beroepsgeheim en de privacy niet in het openbaar. Dat geldt ook voor deze casus. De kwestie is, conform de regelgeving, gemeld bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ).

Isala wil benadrukken dat het onderzoek, op verzoek van de IGZ, door een externe deskundige is gedaan, die de goedkeuring van de ouders had. Deze deskundige concludeert dat er geen fouten zijn gemaakt, maar dat er sprake is van een noodlottige en zeldzame complicatie. De IGZ heeft dat oordeel geaccepteerd.

Hoe tragisch deze situatie ook is, de manier waarop Isala en haar specialisten en medewerkers in een kwaad daglicht worden gesteld, is naar onze mening niet terecht. Een eventuele tuchtprocedure zou hier helderheid in kunnen geven.

De Stentor Zwolle: Vader van onthoofde baby,  Christiaan Bruinink, krijgt gelijk
20 juni 2015  Jan Houwers

ZWOLLE – De onthoofding van een baby tijdens de bevalling in het Zwolse Isala ziekenhuis in april 2013 is veroorzaakt doordat er te hard aan de baby is getrokken.

Dat blijkt uit autopsie op het doodgeboren kindje. De arts heeft destijds verklaard dat hij ‘slechts matig’ aan de premature baby (25 weken) heeft getrokken.

Het verslag van pathologen van het Laboratorium Pathologie Oost-Nederland onderschrijft het vermoeden van de vader van de baby, Christiaan Bruinink. Hij nam geen genoegen met het onderzoek dat in opdracht van het ziekenhuis werd uitgevoerd.

In dat onderzoek, uitgevoerd door een deskundige van het UMC Utrecht, luidde de conclusie dat het een ‘zeer zeldzame complicatie’ was die van tevoren ‘niet was te voorzien’. Volgens deze deskundige waren er geen fouten gemaakt en had de arts medisch zorgvuldig gehandeld. De gynaecoloog stelde destijds dat de krachten die hij had gebruikt om het kindje geboren te laten worden ‘slechts matig’ waren geweest. Een forensisch arts concludeerde kort na de bevalling dat het om een natuurlijk overlijden tijdens de bevalling ging.

Ook hier is nu twijfel over, want uit het nu opgedoken verslag van de pathologen blijkt dat de baby bij het begin van de bevalling gezond en levensvatbaar was. Volgens Bruinink is het onderzoek, in opdracht van Isala uitgevoerd, ‘broddelwerk’: “Cruciale vragen worden niet beantwoord.” Het incident is direct door Isala bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) gemeld. Die nam de conclusie van het onafhankelijke onderzoek over en sloot de zaak formeel af. Volgens Bruinink neemt de IGZ een mogelijk nieuw onderzoek in beraad. De inspectie wil dit niet bevestigen. Isala stelt dat de deskundige heeft geconcludeerd dat er geen fouten zijn gemaakt.

Ziekenhuis mogelijk voor tuchtcollege vanwege onthoofde baby
NOS 20 juni 2015
Het ziekenhuis Isala in Zwolle moet zich mogelijk verantwoorden voor het Medisch Tuchtcollege over een baby die tijdens de bevalling werd onthoofd. De bevalling van de moeder kwam met 25 weken op gang, 15 weken te vroeg. De arts trok aan de benen van het kind om het geboren te laten worden. Het hoofd van de baby bleef achter in de baarmoeder en werd via een keizersnede verwijderd.

Uit het onderzoek dat door het ziekenhuis werd uitgevoerd bleek dat de arts geen fouten had gemaakt. Deskundigen die in opdracht van de ouders een onderzoek uitvoerden, hebben niet vast kunnen stellen waardoor de baby is overleden, meldt de regionale krant de Stentor.

De ouders lieten door het Laboratorium Pathologie Oost-Nederland sectie verrichten op het lichaam. Daaruit werd duidelijk dat de onthoofding  het gevolg was van het trekken aan het lichaam. Bij het begin van de bevalling was de baby volgens dat onderzoek in elk geval levensvatbaar. In Nederland worden premature baby’s sinds 2010 actief behandeld vanaf een zwangerschapstermijn van 24 weken.
Tuchtzaak

Het incident gebeurde twee jaar geleden al, maar nu pas is letselschadespecialist Yme Drost begonnen met de voorbereiding van een tuchtzaak. Het Isala zegt dat de manier waarop het ziekenhuis en de medewerkers in een kwaad daglicht worden gesteld, niet terecht is. Een tuchtprocedure zou wat hen betreft helderheid kunnen brengen.