Arts ziet eerder af van levensverlengende zorg

Artsen en verpleegkundigen gaan minder ver in hun poging het leven te verlengen dan ‘gewone’ patiënten. Zorgverleners hebben relatief weinig animo voor reanimatie, dialyse en beademing – als het henzelf betreft. Toch adviseren ze deze interventies aan hun patiënten. Dat blijkt uit onderzoek van de KNMG en V&VN, waarover Medisch Contact deze week publiceert.

Artsen en verpleegkundigen zeggen vaker kwaliteit van leven te prefereren, ook als dat ten koste gaat van levensverlenging. Van het publiek zegt 13 procent iedere levensverlengende behandeling te zullen aangrijpen als ze in een situatie van beperkte levensverwachting terecht zouden komen – terwijl dit bij artsen (2%) en verpleegkundigen (3%) veel lager ligt. Het onderzoek van artsenorganisatie KNMG en beroepsorganisatie van verpleegkundigen en verzorgenden V&VN bevestigt wat eerder in de literatuur werd verondersteld.

Met name reanimatie, dialyse en beademing springen eruit. Zo zegt 55 procent van het algemene publiek voor reanimatie te kiezen, terwijl maar 10 procent van de artsen en verpleegkundigen daarvoor zegt te kiezen. Hoe komt het dat gewone burgers zulke andere keuzes rond het levenseinde zeggen te maken? De onderzoekers vermoeden dat dit komt omdat zorgverleners vaker in aanraking komen met lijden en de dood. Ook lijkt het erop dat mensen die weinig in aanraking komen met de geneeskunde daar een ‘te positief beeld’ van hebben.

Zorgverleners beseffen dat ze zelf meewerken aan dat beeld. Een arts stelt: ‘Artsen gaan te veel mee in de ontkenning van sterfelijkheid.’ Opvallend veel artsen (42%) hebben weleens aan een patiënt een mogelijk levensverlengende behandeling voorgesteld waar ze zelf niet voor zouden hebben gekozen. Dat is niet per se een probleem: ‘Wie ben ik om iemand te weerhouden van een agressieve behandeling als dat voor deze persoon de beste manier is ermee om te gaan?’

Bijna driekwart van de artsen (73%) en 69 procent van de verpleegkundigen zijn het eens met de stelling dat zijzelf aan het einde van hun leven voor minder ingrijpende behandelingen kiezen dan patiënten. Of dat betekent dat zij ook daadwerkelijk andere keuzes maken rond het levenseinde kan op basis van dit onderzoek uiteraard niet worden geconcludeerd. Zoals een arts zegt: ‘Als je nog gezond bent, is het moeilijk om je te verplaatsen in een ernstig zieke toestand. Menig patiënt heb ik zijn grenzen steeds zien verleggen. Ik denk zelf niet anders te zijn.’

Het onderzoek is in november 2015 uitgevoerd onder 1780 artsen, 542 verpleegkundigen en een steekproef uit de Nederlandse bevolking (856 respondenten). De resultaten worden bekendgemaakt tijdens het congres ‘Niet alles wat kan, hoeft. Passende zorg in de laatste levensfase’ op vrijdag 19 februari.

Lees ook het artikel over het onderzoek:

KNMG: Artsen denken anders over levensverlengende zorg dan publiek

Delen:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone